VRIJESCHOOL – Menskunde en pedagogie – Sigaud (4-8)

HOOFDSTUK 4.

Speciale begrippen in de typologie van Sigaud – Corman.

Sigaud en Corman hebben als arts hun blik gericht op de volwassen patiënt. Voor het kind gelden nog iets andere gezichtspunten. Reeds lang voor het verschijnen van het werk van Corman bleek ons dat Sigauds typologie een aanvulling behoefde. Het bleek bij het on­derkennen van de moeilijkheden van afwijkende kinderen nodig het gezichtspunt van de te langzame en de te snelle ontwikkeling in te voeren. Bij de zich langzaam ontwikkelende groep heeft men te ma­ken metretardatie en veelal ook door de te hoge aan hen gestelde eisen met regressie. Retardatie en regressie kunnen beide een om­gangsstoornis geven. Bij de te snelle, dus propulsieve ontwikkeling, kan het kind als het ware zijn tijd niet afwachten en ontwikkelt (lichamelijk zowel als geestelijk) voortijdig reactievormen en ver­mogens van een oudere leeftijd. Dit zien we vooral opintellectueel gebied (de vroeg-rijpe overintellectuele kinderen) vaak ook op mo­torisch gebied (de kinderen met ongeremde bewegingsdrang). Deze kinderen zien er ouder uit dan ze zijn en ondanks hun voorsprong op bepaalde gebieden ziet men toch haast steeds ook tekorten op andere gebieden, met name in de affectieve ontwikkeling. Het kind is door zijn kind-zijn beschermd tegen veel wat uit de omgeving op hem inwerkt, het droomt langs veel heen, wat het propulsieve kind opmerkt en daardoor te verwerken krijgt.
Het behoeft geen betoog dat het invoeren van de begrippen retar­datie en propulsie in de typologie van Sigaud veelal op hetzelfde neerkomt als waartoe Corman gekomen is voor de volwassenen als hij de begrippen expansie en retractie invoert.

Te onderkennen zijn de expansieve (voor het kind retarderende) typen in de eerste plaats aan de fysiognomie. De retarderend-expansieve typen hebben „open” zintuigen. De ogen zijn dromerig, groot, open en rond en staan vaak iets naar voren in de oogkas. De neusvleugels en neusgaten zijn zichtbaar, de mond is ,,openbloeiend”, zelfs vaak ook openstaand, de lippen naar voren stekend (vooral de bovenlip). Ze hebben iets „kosmisch^-hemels.
Het propulsief~retractieve type heeft gesloten zintuigen. De ogen liggen diep in de oogkassen, zijn klein en overschaduwd door het voorhoofd, wat spleetvormig en fel actief; de neus is scherp gesne­den, neusvleugels zijn ovaal, neusgaten klein. De mond is klein, met scherpe dunne lippen. Hierdoor werkt het gezicht sterk geïndivi­dualiseerd en ouder dan de leeftijd en ,,aards*’ gericht. Deze verschillen zijn het duidelijkst te zien bij de cerebrale en respi­ratoire typen, bij het motorische iets minder opvallend, terwijl het digestieve in de jeugd altijd expansief werkt, hier ziet men het ver­schil dan ook veel meer aan de passieve of actieve blik en mimiek.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s