Vrijeschool – Rudolf Steiner als pedagoog (4)

Nadat Pieter Witvliet in zijn promotie van Rudolf Steiners doctrine eerder al het ‘cholerische’ en het ‘flegmatische’ kind aanhaalde, spreekt hij nu over het ‘melancholische’ kind. Of zoals Witvliet het noemt: het ‘zielige’ kind. Deze manier van kinderen bestempelen is bon ton binnen de antroposofische (school)beweging, waar men bijvoorbeeld gehandicapte kinderen als minderwaardig ziet. Witvliet geeft treffend weer hoe antroposofen vanuit de antroposofische doctrine naar kinderen kijken: ‘hun eigen leed is niets in vergelijking met wat anderen moesten doormaken’.

Rudolf Steiner als pedagoog (4), Pieter HA Witvliet, 13/12/2012 (bron)

Zoals vaak in de antroposofische beweging begint Witvliet met een ‘aanwijzing’. Dit wil zoveel zeggen als: ‘Ik heb niet meer, dus ik doe maar wat. En omdat het van Rudolf Steiner komt, moet het wel goed zijn, niet?’. Hoe wordt omgegaan met een kind dat pijn heeft. In Witvliets wereld gaat het zo:

Op een schoolplein gebeuren altijd wel kleine ongelukjes. (…) Voor een aantal kinderen betekent het niet zoveel: een pleister en hup, het leven gaat weer verder.

Maar er zijn ook kinderen voor wie het leven een ogenblik stilstaat. Ze ogen triester dan de kinderen die even op hun lip bijten en met het heerlijke spel dat ze speelden weer snel verder gaan.

Dat heb je als leerkracht ook veel liever-hup, niet kniezen.(…)

Dit lijkt me duidelijk. Witvliet projecteert hier zijn denkwereld op die van ‘de leraar’. Er zijn genoeg leraren die een kind niet wandelen sturen, maar het de aandacht geeft dat het verdient. Antroposofen zijn echter in woorden zorgzaam, maar in de praktijk zeggen ze dus liever: ‘Hup, niet kniezen’. Maar de pseudowijzen maken een kanttekening, ook Witvliet.

Maar aan het ‘zielige’ kind zijn deze woorden niet besteed. Die gaat echt niet meteen rennen (als ze dat al deden). Het lijkt erop dat ze na zo’n luchtige opmerking, juist dieper in hun verdriet wegzakken.

Veelal vertonen deze kinderen meer karaktertrekken die wijzen op een hang naar ‘verleden’, kortom er is iets melancholisch in hun wezen. Iets van ‘zwaarte’.

Tjonge, het ‘zielige’ kind gaat niet meteen rennen. De steinerpedagoog ziet hier met zijn zelfverklaarde derde oog de ‘zwaarte’ en een hang naar het ‘verleden’. Hiermee is – conform de steinerdoctrine – niets anders bedoeld dan een voorgeboortelijk leven. Witvliet houdt het natuurlijk zo vaag mogelijk om niet te benadrukken dat de steiner/vrijeschool een esoterische school is. Zelfs Witvliet geeft wanneer hij Steiner citeert die abstractie aan.

Rudolf Steiner: ” ( )wanneer we dit kind van buitenaf iets vreemds aanreiken, wanneer we aan dit ernstige kind iets vrolijks aanbieden, dan staat het onverschillig tegenover dit vrolijke.

Wanneer we mee kunnen gaan in zijn bedroefd-zijn, leed en zorgen, dan neemt het waar, wat het in zijn eigen innerlijk meedraagt.’ [1]

Witvliet zegt hierover dat ‘de laatste zin abstract klinkt’.  Vervolgens probeert hij Steiners vage praatje handen en voeten te geven door te appelleren aan de autosuggestie van de lezer.

Wie echter (als kind) zelf ooit eens gevallen is en nog weet hoe dat was, zal merken, wanneer hij dit aan het melancholische kind vertelt, dit kind opleeft. Interesse heeft voor dit door hem ook gevoelde ‘leed’.

En wanneer je kunt vertellen bv. over een ander kind, toen en toen, die ook eens gevallen was, “maar veel erger dan jij, want er was dit en dit en dat”, dan toont dit kind interesse en is vaak daarna weer veel makkelijker in beweging te krijgen.

De stelligheid waarmee Witvliet Steiners pseudowetenschap als succesvol probeert te slijten, heeft iets triest. Iets melancholisch, maar dan in de betekenis van normale mensen. En er is meer volgens Witvliet.

Voor oudere melancholische kinderen raadde Steiner aan ze biografieën te laten lezen van mensen die veel moesten meemaken aan ontbering, leed, moeilijkheden enz.

Daaraan kunnen die kinderen ervaren dat hun eigen leed niets is in vergelijking met wat anderen wel niet moesten doormaken..

Hoe veelzeggend is het dat een leraar ernaar streeft dat kinderen ervaren dat hun eigen leed niets is? Een botheid die vaak voorkomt in religieuze bewegingen waar de leden slechts dienen om de heilsboodschap van hun profeet te verspreiden. Kinderen moeten volgens Witvliet (en collega-antroposofen) hun leed achter zich laten. Daarvoor heeft Rudolf Steiner een middel gegeven.

Het melancholische kind zou niet in het eigen leed moeten blijven hangen. Maar daartoe kun je het geen opdracht geven. Daartoe is een sleutel nodig.

Nu ik vaak de waarheid van deze aanwijzing heb ervaren, kan ik zeggen dat Steiner over deze sleutel beschikte.

Pieter Witvliet heeft de waarheid ervaren; hij heeft het licht van Rudolf Steiner gezien. Wat zegt het licht?

Het melancholische kind moet ‘naar buiten’ worden geholpen.

Daar zijn ze weer, de aanhalingstekens. Antroposofen die dit lezen knikken instemmend, al hebben ze zelf ook geen enkele notie van hoe binnen of buiten eruitzien. Bovenop deze occulte boodschap (enkel voor ingewijden) gooit Witvliet nog een mysterie.

Wie hier heeft gelezen komt dit bekend voor.

Dan wordt ook deze zin begrijpelijker:
‘Het kind moet niet van oor tot oor, maar van ziel tot ziel begrijpen.’[2]

Dit is antroposofische dialectiek. Er worden allerlei aanwijzingen gegeven met daarin verwijzingen naar weer andere aanwijzingen met de vermelding dat de aanwijzingen dan wel begrijpelijker worden. Er verschijnt echter nergens een duidelijke uitleg of verklaring. Het enige dat onthouden wordt is: ‘Rudolf Steiner zegt…’

[1]Rudolf Steiner: GA 305
Dornach 1979, blz 119

[2]Rudolf Steiner: GA 294
vertaald: Opvoedkunst
(aan het einde van de 1e voordracht)

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s